Klassiekers staan voor boeken die ik wil lezen, maar eigenlijk nooit lees. Ik waag me graag aan verhalen die iets zeggen over de tijdsgeest waarin ze zijn geschreven of die als basis hebben gediend voor onze boeken van nu. Toch zijn dit de boeken die bij mij in de kast blijven staan, terwijl ik net gepubliceerde romans verslind. Toch denk ik dat ik als ik de klassiekers die ik heb gelezen op een rijtje zet, ik een heel end kom. Dus laat ik eens een lijstje maken.

  • Dubliners – James Joyce
  • De goddelijke komedie – Dante Alighieri
  • Hart der duisternis – Joseph Conrad
  • Jouw land – Cesare Pavese
  • Een kamer voor jezelf – Virginia Woolf
  • Karel ende Elegast
  • Metamorfosen – Ovidius
  • Misdaad en straf – Fjodor Dostojevski
  • De mooie zomer – Cesare Pavese
  • Pleidooi voor de eigen taal – Dante Alighieri
  • Seizoen van de trek naar het noorden – Tayyib Salih
  • Slachthuis vijf – Kurt Vonnegut

Het zijn er niet heel veel, maar ik vind het ook lastig om te bepalen wat een klassieker nu precies is. Valt De as van mijn moeder onder klassiekers? En Een schitterend gebrek dat is ook zo’n boek dat ik best in dit rijtje wil zetten. Wat in mijn ogen (al) een klassieker is, hoeft dat in de ogen van bijvoorbeeld de boekhandel weer niet te zijn…

Wanneer is een boek volgens jou een klassieker?